Green lights up Fontainebleau

I am very proud to represent the TV show format ‘Green’ at this year’s SerieSeries festival in Fontainebleau. Our format trailer is an official selection in the ‘Spotlight on Trailers’ category. I co-developed Green with Dave Damon and Barend van Balen of Infocus producties, and wrote the trailer which was directed by Elwin Bes. Green is a darkly comic crime show that revolves around coffeeshop (hashbar) Green in Amsterdam. Its owner, retired criminal Jack Groen loves his regulars and his shop, but is he cut out for this life? A question he will be forced to answer when his old life comes back to haunt him – will he stay out and does he really want to?

We will be talking to international parties in an effort to bring Green to a screen near you or even to the very palm of your hand!

www.serieseries.fr

 

Flaked and Stranger Things indeed

Time for a quick update on the newest Netflix dramas available to you (and I) in The Netherlands.

Flaked – co created by lead man Will Arnett (previously of Arrested Development) is a delicious new addition to the roster. Starting off on a slow burn, this comedy is all about Chip, a reformed alcoholic who wound up in Venice because he killed a man in an accident. Hardly the stuff of loud guffaws you say? Well, think of it as Seinfeld in the sun, with a great supporting cast and some stellar writing. Should you find yourself thinking: this stuff is a bit, well flakey, say half way through the series, stick with it! The final episodes will reward your patience manyfold.

Stranger Things  – the Duffer Brothers imagined, made and pulled off a very special kind of trick with this sci-fi, coming of age, thriller and dark comedy series. Imagine simply every teen movie from the 80’s: Goonies, Weird Science, E.T., Stand by me, Close Encounters…well the list goes on and on and on. Wrapped up in an exiting narrative with great characters that will keep you coming back for every next episode. Much recommended!

The Martian – a review

martian

“So, that means he’ll make it.”
“Unless something goes wrong…”
drumroll…BOOM, CRASH, EMERGENCY!

Yes, it’s that kind of movie. The short summary: Matt Damon – ‘Mark Watney’ is part of a manned mission to Mars set in the near future. In an emergency situation his team mates leave him behind, assuming him dead, as they scramble to escape the planet. He awakes alone, injured and with only a temporary shelter to live in, with enough food to last for a few months. He knows however, that it will be about two years until the next mission to Mars arrives to save him.

Curiously, he has no way to communicate with Earth, even though moments before the opening gambit we have seen his team mates communicate with NASA. But, this plot device is used to create a bit of extra tension for both Mark and the folks back home.

There’s the central predicament of the movie: how will Mark survive until he can be rescued or until emergency supplies can reach him?

At this point, let me be straightforward: I didn’t like the movie. To me, it felt very paint by numbers. The absolute low point was the (paraphrased) quote above. The NASA people are discussing Mark’s survival odds and doing the math. They arrive at the conclusion that he’ll make it. The NASA director makes the obvious observation: unless something bad happens. And, lo and behold, in the very next shot, another random bit of disaster strikes our poor suffering Mark. The movie features a lot of cheering successes and fist pumping brouhaha which mostly felt out of place to me. Mark’s psychological developement doesn’t match what he’s actually going through to me. He’s a hero, squared.

And I’m sorry, but after ‘Newsroom’, you just cannot cast Jeff Daniels in a serious role anymore….he will always be anchorman Will McAvoy.

My conclusion: if you want to be kept on the edge of your seat in a NASA adventure, watch Apollo 13 (1995).

Op = Op

Ja, het is wat mij betreft bijna zover. Ik heb alles wat mij aantrekt wel zo’n beetje gezien op Netflix. Een punt van irritatie is dat van veel series die het kijken waard zijn niet alle seizoenen op het online kanaal staan. Maakt de overstap naar het illegale, gratis popcorntimes steeds verleidelijker…En qua speelfilms, dat beperkt zich voor mij helaas tot het genre: al gezien, of niet gezien met een reden.

Het raakt dus langzaam op. In de vorige post had ik al tips gegeven wat echt het kijken waard is. Veel bekende namen. Nu wat obscuurder – voor wie net als ik al heel veel gezien heeft!

‘Survivors’ een BBC serie blijkt na een veel te lange en langzame eerste aflevering behoorlijk vermakelijk: wat gebeurt er als 99 van de 100 mensen komen te overlijden aan een griepvirus…geen zombies, geen aliens, gewoon heel weinig mensen en complete chaos in het Engeland van nu. Leuke karakters en de premisse wordt geloofwaardig uitgewerkt. Na het eindeloze slachtwerk van Walking Dead ook erg prettig om een serie te kijken waar de spanning komt van iets anders dan bruut geweld.

‘The Kennedy’s’ een achtdelige biografische miniserie over de koninklijke familie van de VS. Houterig, uitleggerig en met ongelijkmatig tempo, maar wel fascinerend en mooi geënsceneerd.

‘Life on Mars’ een wat oudere BBC crimi met een twist. Een politie-agent in het heden wordt aangereden op het moment van een arrestatie in een grote zaak. Hij wordt wakker de jaren ’70. Is het echt of in zijn hoofd? Ben net pas begonnen aan seizoen twee maar seizoen een is mooi gemaakt, de premisse wordt goed ingevuld en houdt je op het puntje van je stoel. Af en toe valt op dat de decors wel erg vaak herhaald worden – tja er is nu eenmaal geen HBO achtig budget aan besteedt.

Netflix NL …anno nu

Dus je hebt een Netflix abo genomen. Wat nu? In de VS is er een soort running gag dat je meer tijd doorbrengt met het scrollen door het Netflix aanbod, dan met daadwerkelijk kijken.

Dat luxeprobleem zal je in de Nederlandse editie niet snel hebben. Het aanbod is aanzienlijk beperkter. Nog steeds meer dan je in je leven zou kunnen kijken maar lang niet alles is ook het kijken waard. Vooral klassieke films en series ontbreken en dat is jammer.

Maar inmiddels is er genoeg om van te genieten. Laten we eens wat verder kijken dan de usual suspects. Welke zijn dat dan volgens Klimbie? Breaking Bad, House of Cards, Downton, Orange is the new Black, Mad Men. Allemaal echte topseries maar die kende je waarschijnlijk al.

Dus geef ik hier een shortlist van wat er minder bekend is op Netflix en toch de moeite waard:

FARGO

Losjes gebaseerd op de gelijknamige film van de Coen brothers. Een wat ongemakkelijke mix van humor en bruut geweld. Doet kil aan, zoals de stad Fargo zelf ook moet zijn. Vervreemdend en met een meesterlijke performance van Billy Bob Thornton, toch erg van genoten.

BOSS

Kelsey Grammar – jawel: Frasier Krane – is onherkenbaar als vileine burgemeester van Chicago. Kleiner en (nog) harder dan House of Cards, hoewel uiteindelijk minder bevredigend. Na twee seizoenen gecancelled maar dat is eigenlijk een voordeel, je weet tenminste dat je er in een week of wat wel doorheen bent.

BATTLESTAR GALLACTICA

De versie uit de jaren ’70 is edelkitsch maar de remake uit recenter tijden is meer dan een opeenstapeling van sci fi cliches. De mensheid wordt vrijwel vernietigd door de Cylons, een robotsoort die door de mens zelf werd geschapen. Een vloot overlevenden gaat op een lange ruimtereis op zoek naar een nieuw thuis. De uitwerking van de verschillende karakters is zeer goed gelukt, en er wordt geweldig gespeeld met de concepten van goed en kwaad. Echt een aanrader, ook voor degenen die niet zo van sci fi houden.

SUITS

Een slicke procedural over gelikte advocaten. Vol geweldige humor en rappe one-liners. Ze zijn goed in wat ze doen, en het is een genot om naar te kijken. Vooral vanaf seizoen twee een echte kwaliteitsserie met langere verhaallijnen en nog beter uitgewerkte karakters.

En, tot slot in de categorie non fictie:

WEIRD WEEKENDS LOUIS THEROUX

Louis Theroux is vast niet aan jouw aandacht ontsnapt, en sommige afleveringen zijn best oud en in 4:3. Maar zijn ongekunsteld aandoende oprechte belangstelling voor de meest uiteenlopende onderwerpen werkt keer op keer. Pornosterren, plastisch chirurgen, Black Supremacists, iedereen komt aan bod, en het is elke keer weer fascinerend.

Oh ja, er zijn ook allerhande films, maar Netflix is toch echt voor de series jongelui!

Teuntje – Psychologie Magazine

“Teuntje” – zoals verschenen in Psychologie Magazine juni 2014

Friesland, Aline stuurt de boot, ik sta klaar met een lijn om aan te leggen. De zon schijnt, Aline is zwanger, we zijn een half jaar getrouwd. We zijn leuk, gelukkig, zondagskinderen. Ons kind op komst, met als werknaam “Teuntje” zal delen in ons geluk. Dat weten we.

Later, de combinatietest. We verheugen ons erop Teuntje weer te zien. De echo duurt eindeloos, de echoscopiste wordt ongemakkelijk, Aline moet een rondje lopen en een glas water drinken. Op de TL verlichte gang, vol geboortekaartjes, staan we. Aline spreekt: als het mis is, moeten we zwangerschap dan beëindigen? Ik ben stellig: ja.

De nekplooi-meting wijst uit dat er hoogstwaarschijnlijk sprake is van chromosoom-afwijking. We zijn verslagen.

Thuis leest Aline allerlei blogposts over hoe de combinatietest niet altijd klopt. Ik denk in stilte: de experts hebben gesproken.

We spreken een serie op elkaar lijkende artsen. Aline wordt moe van het empathische gedoe, ze wil antwoorden, hoe kan dit? Ik neem het voor de artsen op, dat valt slecht bij haar. Zij ondergaat een punctie, een grote naald door haar buik geprikt. Ik val bijna flauw, zij niet.

We zitten thuis op de bank, op de salontafel een paar baby Uggs. We krijgen ruzie, omdat ik er niet over kan praten.

De definitieve uitslag volgt. Teuntje, nu 15 weken, heeft Downsyndroom, en wellicht nog andere gebreken. De artsen raden voorzichtig aan de zwangerschap af te breken. Ik kan het niet aan een ernstig gehandicapt kind te hebben, Aline vindt het met name vreselijk voor het kind….we gaan de zwangerschap afbreken. Zij huilt, ik voel leegte.

Aline koopt een mandje voor Teuntje en knipt van kleurrijk karton hartjes en bloemen om erin te stoppen. Als zij niet kijkt pak ik het mandje, het is voor mij een wezensvreemd voorwerp. Hoe kan je om een kindje rouwen waar je zelf het leven van beëindigt?

Op de natale afdeling van het. Het huilen van baby’s schalt over de groene gangen. Bij Aline worden tabletten ingebracht om de miskraam op te wekken, ze is in tranen. Ik pak haar hand. Niets wat ik heb meegemaakt heeft mij hiervoor klaargemaakt.

Het wachten begint. Samen kijken we TV, we volgen de Olympische spelen als behekst.

Aline heeft pijnlijke weeën en krijgt morfine. We vallen stil, in tegenstelling tot de verpleegsters en artsen – die zijn vriendelijk en professioneel. De klok tikt maar door, en Aline mompelt wartaal en is ondanks de pijnstilling bang. Ik voel mij een soort meubelstuk.

De geboorte begint, het water breekt, Aline wordt wat helderder en bijna opgewekt. Tot mijn eigen verbazing, ondanks mijn bloedvrees, weet ik de verpleegster te helpen. Teuntje past in een handpalm. Ik neem een aantal foto’s. We leggen hem in zijn mandje en nemen afscheid, hij zal worden gecremeerd. Met het mandje in handen bewonder ik Aline dat zij deze voorbereiding op zich heeft genomen.

We staan buiten het ziekenhuis, de zon schijnt. Mensen lopen voorbij, het is net als elke dag. Alleen wij zijn anders, zondagskinderen af.

De Nacht – roman van Merijn de Boer – recensie

Vele jaren geleden zat ik in de kroeg met Merijn de Boer. Wij kenden elkaar door ons gedeelde lidmaatschap bij een verderfelijke studentenvereniging. Hij vertelde mij dat hij een roman wilde schrijven. Daarbij benadrukte hij dat wat het ook zou worden, hij vooral niet wilde “ontroeren”.

Een kanttekening: de eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik eigenlijk geen idee heb of Merijn dit echt gezegd heeft. Het lijkt me eigenlijk behoorlijk onwaarschijnlijk. Niet gezien zijn oeuvre, maar meer vanwege het feit dat Merijn en ik nooit meer dan vijf woorden gewisseld hebben. Niet uit animositeit maar meer vanwege een soort incompatibiliteit van karakters die zich toespitste in de zweterige broeikas die het studentenleven gerust mag heten. Ik ben luidruchtig, aanwezig, extrovert en tot vervelens toe anekdotes aan het vertellen. Merijn observeert en beperkt zijn uitspraken tot spaarzame rake klappen. Soms besluipt mij het gevoel dat ik mijn kruit verschiet terwijl Merijn achter de typemachine klimt en proza schrijft en wat voor proza.

“De Nacht” is Merijn’s debuut als romancier. Van hem werd eerder de uitstekende, zij het enigszins onevenwichtige, bundel “Nestvlieders” gepubliceerd. Ik vroeg hem eens hoe hij de tijd vond om te schrijven. Daar had hij een uiterst efficiënte modus voor. Elke avond direct na thuiskomst, doch voor het avondeten met zijn vriendin, schreef hij een uur lang.

“De Nacht” gaat over Marcel, die met zijn vriendin Lidia met vakantie gaat in Frankrijk. Na wat blikschade aangericht te hebben door onkunde achter het stuur worden zij slachtoffer van het ergste soort vakantievriendschap: met een proleet, diens onderdanige vrouw en rebelse dochter. Er is ook een subplot dat te maken heeft met internationale handel in verdovende middelen. Op een dag wordt Marcel wakker en is zijn Lidia verdwenen……tot zo ver zou je kunnen denken: had ik dat niet ook in een boek van Suzanne Vermeer gelezen tijdens die regenachtige vakantie in de Algarve?

Vergis u niet. Merijn de Boer speelt met de lezer. Marcel is een uiterst onbetrouwbare verteller. Een man met een mening die een hekel heeft aan mensen die overal een mening over hebben. Droger dan droogkomisch kan het niet worden dan in “De Nacht”. In een recensie werd een vergelijking getrokken met “Nooit meer Slapen”. Dat was ongetwijfeld als groot compliment bedoeld maar gaat volstrekt voorbij aan het bijzondere van de schrijver Merijn de Boer. Hij heeft namelijk een volstrekt eigen stem. En uit die stem spreekt enige minachting. Voor zijn personages en misschien zelfs voor de lezer. Maar dat mag de pret niet drukken.

Marcel fileert in de openingshoofdstukken alles en iedereen. Ook zijn vriendin Lidia moet het in de omschrijvingen ontgelden. Zelf is hij werkloos, alcoholist, zonder werkzaam zaad en schijnbaar zonder plan. En, zonder enige vorm van ironie over zichzelf. Dat er voor ironie wel ruimte is zal pas gaandeweg duidelijk worden….

Terwijl het vakantieavontuur steeds grilliger wendingen neemt met zoete verleiding, overspel, gevaar en opschepperij over wijn, wordt de scheidslijn tussen werkelijkheid en verzinsel steeds moeilijker te duiden. Zitten we in de hersenspinsels van Marcel gevangen of is dit de realiteit? Een mooi gegeven: is het niet altijd zo dat de werkelijkheid door inmenging van onze eigen perceptie onkenbaar is?

Stilistisch is “De Nacht” absoluut een meesterwerk. Merijn kan ongelofelijk goed schrijven. Rijk in variatie van bloemrijke omschrijvingen tot vlijmscherpe bijzinnen. De lijn die Merijn inzette met “Nestvlieders” is hier voortgezet. Die lijn wijst schuin omhoog en ik ben dan ook benieuwd wat de toekomst nog meer brengt.

Tot slot, een punt van kritiek? Zoals ik hiervoor al zeg spreekt ergens uit de personages een zekere minachting over de mensheid uit Merijn’s werk. Ben je op zoek naar ontroering of een verheffende conclusie over de mens, zoek dat dan elders. De Nacht doet voor mij uiteindelijk wat kil aan. Maar goed, hij had het zelf al gezegd (of niet dus), ontroeren is niet het doel.

 

 

Het WK en de rode bank

Het WK

Ik dank Hem dat Oranje door is.
Ondanks iedereen die wist dat het niet zou gebeuren,
Ondanks Hugo Borst die betaald zit te zeuren,
Ondanks de fittie van Tom en Mart,
Waar Tom gelijk kreeg, maar Mart gelijk had,
Ondanks de voorspellingen van Johan D.
Ondanks de luide stilte van Johan C.
Ondanks Rene van der Gijp,
Die het allemaal ook niet meer begrijp’,
Pogingen van Ronald om Frank te zijn,
Pogingen van Ronald om Johan te zijn,
Pogingen van Ronald om Ronald te zijn,
Maar dan degene die ooit keeper was,
Een Belg die liedjes harkt op een geverfde gitaar,
Als hij lang genoeg probeert raakt hij eens de juiste snaar,
Een hond die Messi heet, lach of ik schiet,
Dames op de bank, geef ze vooral het woord niet,
De baard, nee geen baard van Henry met baard,
Oh nee, Henk Spaan, boos, belegen, bejaard,
Ons elftal speelt als een groep bankovervallers,
Laf, berekenend, criminele voetballers,
En ik dank Hem, niet Louis, niet Robin noch Memphis,
Arjen Robben, ik dank Hem, dat Oranje door is.